Over de zevenenzeventig publicaties die almaar op zich laten wachten

Over de zevenenzeventig publicaties die almaar op zich laten wachten

Van de volgende, almaar uitblijvende publicaties heeft de auteur vooralsnog niet meer aangeleverd dan de hoestekst. Soms draaft hij door en presenteert al een complete reclamefolder of de opzet van een slothoofdstuk. Kennelijk ontbreekt hem de nodige tijd, moed en/of ijver. Doorwrochter werk wordt trouwens nauwelijks nog gelezen, zo weet hij beroepshalve.

De met een * voorziene titels vormen straks volgens plan de aparte reeks “Hemelvaarten”. De auteur hanteert kwistig zijn insulinepen, wat hem – in navolging van Kurt Vonneguts ‘God bless you, dr. Kevorkian’ – telkens een bijna-dood-ervaring oplevert en dus, vlak bij de hemelpoort tijd voor een kort vraaggesprek met ‘hen die ons reeds voorgingen’. De eigen tenhemelopname voorkomt hij – tot nu toe – met een snelle greep uit zijn zoete-koekjestrommel.

 

Nergens thuis in eeuwigheid *

‘Nergens thuis in eeuwigheid’ vraagt aandacht voor het in vergetelheid rakende lot van Balthasar Gérard die al bijna 500 jaar op het plein voor hel- en hemelpoort van hot naar her wordt gejaagd. Op vragen van de auteur, die weer eens zijn leven waagt voor een interview-aan-de-hemelpoort, geeft hij maar mondjesmaat antwoord. “Mijn zaak loopt nog, vandaar.” Zijn botten, die na alle gruwelijke Hollandse torturen makkelijk los lieten, liggen in Keulen. Op het gerucht dat zij daar in de ‘Dreikönigenschrein’ worden bewaard, geeft hij liever geen commentaar. ‘Die paters’ die hem destijds vlot betaalden om Guillaume uit de weg te ruimen, lieten het mooi afweten toen het om zijn latere Heil ging. Heel dunnetjes, zo heeft hij stilletjes vernomen, staat er nu een deurtje op een kier: ‘In een tv-documentaire schijnt iemand de vraag opgeworpen te hebben, wie nou werkelijk destijds de extremisten waren. Maar een eigen zaaltje voor mij in het Nationaal Historisch Museum, dat schijnt ook weer van de baan.‘ Hij klampt zich aldoor vast aan een enkel briefje van een Magistraat uit Luxemburg. Dat heeft toen wel wat landgoederen en een titel opgeleverd voor de familie, maar de Keulse Dom ‘voert liever nog een Moor in zijn … Meer lezenNergens thuis in eeuwigheid *

Grof geweld vanaf de lessenaar

In ´Grof geweld vanaf de lessenaar´ wordt de psyche van de onderwijzer anno ’55 ontleed (de auteur waagt zich nog niet aan recentere jaren, evenmin aan andere dan de zelf bezochte scholen). Als binnenkomend eersteklasser wordt hij meteen geconfronteerd met een vglo-leerling (destijds nog gekoppeld aan de lagere school) die met de lange lat de trap af wordt gemept door een van de overwegend mannelijke onderwijzers. De vglo was een soort voorloper van het huidige praktijkonderwijs, bedoeld voor wie niet geschikt was voor iets hogers maar desondanks – toen haast onverklaarbaar – minder dan twee keer had gedoubleerd en dus nog tijd moest uitzitten. ULO (uitgebreid lager onderwijs) was ter plaatse het hoogst haalbare vervolgadvies, voor het vhmo (nu vwo) moest je uren in de bus of kiezen voor een priesterinternaat. In deze echt schoolsociologische studie met een etnografisch karakter, loopt de auteur beurteling het hele onderwijsteam van de lagere school voor jongens langs. De juf van klas twee bij voorbeeld die groeiende lijstjes met namen op het bord schrijft (1 kruisje erbij betekent straks 2x) van leerlingen die ze in de pauze keurig maar fors met een liniaal over hun op de lessenaar uitgestrekte vingers zal striemen. Dat heeft … Meer lezenGrof geweld vanaf de lessenaar

Overdreven heilsverwachtingen *

In ‘Overdreven heilsverwachtingen’ herontdekt de auteur bij een van zijn hemelvaarten, zijn zielsverwantschap met Jacob, der Lügner. Die blijkt zich op advies van zijn geestesvader Jurek Becker als vrijwilliger te hebben gemeld voor de inburgering van nieuwe hemelbewoners. Ondanks dat hij slechts een geesteskind is van de auteur, is ook hij tot de hemel toegelaten, zeker ook vanwege zijn overmenselijke dienstbaarheid. ‘Aanpassingsproblemen hebben de nieuwkomers hier voornamelijk, veel meer niet.’ De onvolkomenheden en teleurstellingen die hen hier bij de vleet wachten, tracht Jacob te ondervangen door optimistische nieuwsberichten waarbij hij zich verlaat op zijn eigen fantasie. Die berichten zegt hij dan vervolgens te ontlenen aan een stiekem meegesmokkelde handy, die eigenlijk bij binnenkomst had moeten worden ingeleverd bij het Bureau van Petrus. Vooral Jacobs meldingen over hele heerscharen van engelen die naderen voor een apocalyptisch herstel van de hemelse orde, zijn de nieuwe zielen vaak enige tijd tot troost. Wie er al langer zit, weet wel beter. De waarheid, zo bekent Jacob fluisterend, is dat de Leiding hier niet eens wifi toelaat. Zelfs als hij werkelijk een handy had, zou dat dus niet baten. Hij overweegt zijn toevlucht te gaan nemen tot nachtelijke ijldromen over engelenbezoek: dat zou zijn tijdingen … Meer lezenOverdreven heilsverwachtingen *

Katholieke streken onder Gereformeerd gezag

‘Katholieke streken onder gereformeerd gezag’ wordt een studie die verhaalt over de kennelijk eeuwenoude Vaalser parochieraad Sankt Paul. Die besloot al vroeg na 1600 om de pastorie met opzet neer te zetten precies op de grens, midden in haar internationale parochie, tussen het latere gereformeerde Staatse Overmaas (waartoe het huidige Vaals ging behoren) en het katholieke Rijk van Aken, daar waar nu de ‘Akener Straat’ nog steeds moeizaam overgaat in de ‘Alte Vaalser Straße’. Op bovenstaande tekening van rond 1700 kijkt u vanaf Duitse kant (Vaalserquartier), links de pastorie met daarvoor de toen scheefstaande Akense grenssteen, link achter de huizen de ‘Franse’ of ‘Waalse’ kerk, in de verte de Gemeentetoren die die toen nog hoorde bij de katholieke kerk, tegenwoordig bij de gereformeerde kerk. In 1663 stelde de stad Aken een grensverlegging voor, zodanig dat die recht door het midden van de Vaalser Pauluskerk zou lopen; een akkoord met de Hoogmogende Haagse Heren werd daarover niet bereikt. Voor hen was dat hele Vaals toch voornamelijk interessant omdat het een uitweg bood voor Akense protestanten die verlegen zaten om een zondagse eredienst die hen in Aken verboden werd (op de tekening ziet u in de verte hun koetsen op het toenmalige … Meer lezenKatholieke streken onder Gereformeerd gezag

Heuse Karels gaan niet zitten mokken *

In ‘Heuse Karels gaan niet zitten mokken’ heeft de auteur regelmatig moeite, Karel van het Reve in het halfdonker te onderscheiden van nu eens Karel Marx, dan weer Karl May. Eigenlijk had hij toch alleen om een kort gesprek gevraagd met die eerste, die hem als auteur van alle drie eigenlijk het best beviel. Bij dit zoveelste bezoek aan de hemelpoort treft hij ze liefst gedrieën aan. In een donker hoekje bereiden ze een min of meer gezamenlijk Manifest voor met de werktitel Zur himmlisch-zynischen Aufklärung. Marx‘ basistekst wordt telkens meteen geredigeerd door Reve en, als die er klaar mee is, op aandringen van Marx gepopulariseerd door May, waarna Reve dan weer zorg zal dragen voor een acceptabele Russische versie: ‘We hebben straks wel alle destructief potentieel nodig’. Marx wil niet opnieuw ‘falsch verstanden’ worden en Reve houdt hem onder dat motto zoveel mogelijk met twee benen op de hemelse grond. Met het inhuren van May gokken ze op een breed doorsneepubliek, zoveel moet Reve wel toegeven. Marx geeft hoog op over Mays politieke betekenis voor zowel de VS als het Midden-Oosten: ‘Hij heeft daar in zijn tijd met veel moed actief ingegrepen en zonder aanzien des persoons. Ik heb … Meer lezenHeuse Karels gaan niet zitten mokken *

Hoe dedain en lethargie zich dialectisch verhouden

‘Hoe dedain en lethargie zich dialectisch verhouden’ ontleedt de politieke economie achter protestantisme versus katholicisme in zuidelijk Staats Gebied. Het moet een academisch hoogstandje worden, bewijs van wat de moderne sociologie gesellschaftstheoretisch vermag. Gereformeerde leerkrachten joegen in die streek ooit de vlucht aan van katholieke meisjes richting armoedige kloosterschool. Dat hun vrouwelijke gelovigheid de ruggengraat van het kerkelijk voortbestaan vormt, was Rolduc genoegzaam bekend. De gereformeerd gemanagde Staatsmijnen werden een toonbeeld van etnische arbeids- en inkomensdeling achter een verleidelijke gevel van handgeld voor musicerende lokalo’s en hun speeltuin-verlekkerde kroost. Het katholieke episcopaat zag – ondanks fel opgestuwde geboorte-aantallen – op zijn beurt haar claim op een katholiek aandeel in de overwegend gereformeerde elite stranden bij gebrek aan opleidingsambitie van haar eigen toenemend heidense achterban: vooral de weinige sociale opstromers uit die achterban lieten belangrijke delen van hun geloofsopvoeding achter zich bij het beklimmen van de maatschappelijke ladder. Het massaal uit de Achterhoek toegestroomde werkvolk verloor er zich – ondanks dat ze listig weggehouden werden van het eenvoudig-gelovige katholieke kerkvolk – in postduivenmelkerij, schutterij en harmonie. En in het carnaval. Hun culturele integratie verspeelde de kansen op de emancipatie van de regio. Een doorwrochte klassiek-marxistische klaagzang dus, maar dan wel verstehend. Inderdaad, … Meer lezenHoe dedain en lethargie zich dialectisch verhouden

Twee Heren dienen

‘Twee Heren dienen’ wordt een schotschrift op het scherp van de snee, een schrift dat terugvoert naar de pubertijd van de auteur en zijn herinneringen aan de tafelgesprekken van zijn vader. Die was van beroep stoker op de Vaalser Textielfabrieken (VTF). Hij zat daar ook in de ondernemingsraad, dat had je toen net. In zijn weinige vrije tijd was hij tevens lid van de nieuwerwetse parochieraad van de toen gloednieuwe, inmiddels alweer lang opgeheven Sint Jozefparochie in Vaals. Hij was bovendien kaderlid van de katholieke vakbond (St. Eloy, de textielbond van het NKV) die in die tijd nadacht over fusie met de algemene (onkerkelijke) bond (industriebond NVV). Bepaald geen sinecure, die diverse invalshoeken. De tafelgesprekken gingen dan ook ergens over. Het daarop terugkijkende schotschrift – dat hier nu wordt aangekondigd, maar al tijden in de therapeutische steigers staat – thematiseert – tegen de tijd dat het klaar is uiteraard – niet minder dan de tastbare God. Ja heus. Geen dag immers zonder ‘d’r Heer’ in die huiselijke tafelgesprekken. Wie is dat dan wel? Toch niet de Almachtige Zelf, of eigenlijk toch wel? Het antwoord moet telkens opnieuw worden afgeleid uit de context van het verhaal van de dag: werk dan … Meer lezenTwee Heren dienen

De tegenhanger van het vagevuur *

In ‘De tegenhanger van het vagevuur’ draalt de auteur halverwege de hem intussen vertrouwde, getegelde gang naar de hemelpoort. Hier, zo weet hij intussen, is de ingang van het vagevuur. Het is dit keer de overkant echter die zijn aandacht trekt: daar hangt dikke mist. Of staan daar rookkanonnen? Wat moet daar nodig aan het oog van voorbijgangers worden onttrokken? Daarvan wil de auteur straks verslag doen. Dichterbij sluipend, buiten het oog van camera’s en van kale engelen in lange leren jassen, ziet hij figuren met ‘OD’-geletterde stola’s gehaast in- en uitglippen, mensen van Opus Dei, Het Werk dus. Sommigen meent hij te herkennen van eerder, bij de hemelpoort. Van omkoopbare ingewijden hoort hij op fluistertoon dat hier mogelijk het Refugium huist, een instelling waarvan zelfs de Heiligste Leiding ginds geen weet schijnt te hebben, net zo min als sommige pausen. Met een speciale katholieke ‘compassie-pas’, verkregen via het Vaticaan, kunnen eeuwig verdoemden hier – in principe steeds weer tijdelijk – hun akelige definitieve lot voor zich uit schuiven. Vermoedelijk is het een echte A++ locatie, waar een overwegend academisch opgeleide elite van ervaren criminelen tegen betaling verpoost in een soort toeristische enclave naar het ressortmodel van de bounty eilanden. Helemaal veilig … Meer lezenDe tegenhanger van het vagevuur *

Werktitels Programma-2022

‘Hoe Aldi een einde maakte aan de Hilversumse verdomming’ / ‘Natuurgezond brunchen in Mergelland: zuurdesem, bloedworst, zult en stinkkaas’ / ‘Na het basisloon: de talentenvereveningsregeling en de motivatietekortcompensatie’ / ‘Onbaatzuchtige botervaarten van een grensoverschrijdende Holzetter koster’ / ‘Hoe kijkt Hijzelf erop terug, bijna twee millennia na Zijn nederdaling? 2e poging. *’ / ‘De aantrekkelijke kant van het pragmatisch nihilisme’ / ‘Hoe Vaals de Romeinse heerbaan onderbrak en toen weer redde met een houten loopbrug’ / ‘Waar koper én verkoper ieder de eigen armoedeval grensoverstijgend voorkomen’ / ‘Hoe de almaar langere Noorderling anticipeert op de stijgende zeespiegel’ / ‘Wittemse kalverengeboorten redden de missie in Papoea-Nieuw Guinea’ / ‘Täglich hausgebackende Torte op de Orsbacher uitkijk van Willem van Oranje’ / ‘Hoe Zuid-Limburgs Leitkultur vluchtelingvriendelijk het geboortetekort compenseert’ / ‘Wie de moderniteit niet aanstaat’ NB: Er is geen mogelijkheid tot voorintekening.